
Frode Granhus (1965) bouwde in Noorwegen een reputatie op als schrijver van knappe thrillers en wordt wel eens de “Lofotkrim-mester” genoemd: hij woonde in Leknes op de Lofoten en gebruikte Noord-Noorwegen als achtergrond voor zijn thrillers. Malstrømmen (2010) en Stormen (2012) werden in het Nederlands vertaald als Maalstroom (2013) en Stormnacht (2014). Granhus overleed totaal onverwacht in 2017 na een hartinfarct.
Frode Granhus’ Malstrømmen**** behoort tot het beste wat de Noorse thrillerliteratuur de laatste twintig jaar heeft voortgebracht.
Landegode (in de buurt van Bodø in Noord-Noorwegen) wordt opgeschrikt door twee gevallen van bijzonder brutale en bizarre mishandeling die herinneringen oproepen aan een gelijkaardige en onopgelost gebleven misdaad van een paar jaar eerder:
De meeste mensen hebben in een vlaag van razernij wel eens zin gehad iemand het vel over de oren te trekken. Maar zoiets als dít doen… (vertaling Kim Snoeijing)
Førstebetjent Rino Carlsen houdt zich met de zaak bezig en probeert o.a. te achterhalen wat de primitieve tekeningen
acht uit streepjes opgebouwde poppetjes van verschillende grootte, waarvan de grootste in de linkerhoek stond (vertaling Kim Snoeijing)
die op de plaatsen der misdaad achtergelaten werden te betekenen hebben.
Ongeveer op hetzelfde ogenblik wordt ongeveer 300 km ten noorden van Bodø, in Bergland, een jonge vrouw zwaargewond teruggevonden. Ook hier lijkt het om een geval van zinloos geweld te gaan. Niklas Hultin is één van de politiemannen die hier met het onderzoek belast worden. Hij heeft er al een carrière van 14 jaar bij de politie in Oslo opzitten en is pas onlangs met zijn vrouw Karianne naar haar geboortestreek teruggekeerd. Ook deze zaak heeft haar bizarre elementen. De aanslag lijkt aangekondigd door een aangespoelde pop. Het lichaam van het slachtoffer vertoont krassen, waarschijnlijk veroorzaakt door de klauwen van een of ander wild dier.
In beide gevallen lijkt er een verband te zijn met dingen die in een al redelijk ver verleden gebeurd zijn. Maar hebben de twee zaken ook iets met elkaar te maken? In elk geval reist Rino Carlsen op een bepaald ogenblik naar Bergland…
Waarom is dit zo’n uitstekende thriller? De intrige is bijzonder knap geconstrueerd: geen losse eindjes, de puzzel valt perfect in elkaar. Een paar keer lijkt de oplossing in zicht, maar dat blijkt dan toch niet het geval te zijn.
Granhus maakt bijzonder handige gebruik van locatiewisselingen en hanteert een bijzonder leesbare stijl. Hij besteedt ook heel wat aandacht aan de karaktertekening van zijn belangrijkste personages. Carlsen en Hultin worstelen allebei met een probleem in de privésfeer. Rino Carlsen heeft een zoon die aan een erge vorm van ADHD lijdt en hij raakt het met zijn ex-vrouw niet eens over de behandeling die de jongen zou moeten krijgen. Niklas Hultins vrouw heeft dringend een nieuwe nier nodig. Niklas is een geschikte donor maar ziet erg tegen de operatie op:
Angst, nam hij aan. Anderen zouden het misschien lafheid noemen. (vertaling Kim Snoeijing)
Ook een aantal andere personages zijn met zorg getekend. Konrad, “Vandreren”, bijvoorbeeld: een man die al heel lang aan het graven is in de hoop het lichaam van zijn al jaren spoorloos verdwenen zus te vinden.
Maar bovenal: het boek is erg spannend – de laatste dertig bladzijden bijvoorbeeld zijn één lange opeenvolging van cliffhangers. In Bergland zijn er duidelijk gruwelijke dingen gebeurd, met meer dan één
complete sadist die op de gebruikelijke manier van een psychopaat zijn slechtste kanten verborgen wist te houden voor anderen dan zijn naasten. (vertaling Kim Snoeijing)
in een belangrijke rol.
Het resultaat: voor het leven getekende mensen en de bevestiging van het gezegde “ond avler ond” – “kwaad brengt kwaad voort”
Frode Granhus, Maalstroom, vertaald door Kim Snoeijing, Amsterdam/Antwerpen (Q), 2013 ISBN 978-90-214-4304-1
In Stormen**** is politibetjent Rino Carlsen gescheiden van zijn vrouw Helene en ziet hij een tijdelijke overplaatsing naar de Lofoten wel zitten. In Reine zal hij het plaatselijke politiekantoor bemannen samen met de bijna gepensioneerde en gedeeltelijk in ziekenverlof zijnde Berger Falch.
Maar in Reine is het niet zo rustig als Rino verwachtte – het kan er immers bijzonder hard stormen. Maar dat in niet het enige dat zorgen baart: kort na Rino’s aankomst wordt er na een steenlawine het zwaar verminkte rijk van een minderjarige gevonden. Rino kan dan al concluderen dat:
Reine […] misschien een idyllisch plaatsje [is], maar er liggen wel wat lijken in de kast. En iets zegt me dat ze daar al een tijdje liggen (vertaling Kim Snoeijing)
Onderzoek legt al vlug een verband met een “zaak” die ongeveer 50 jaar daarvoor de gemoederen beroerde. Roald Strøm, de gehandicapte zoon van de drankzuchtige en gewelddadige visser Eldar, verdween toen spoorloos op de dag dat zijn vader verdronken teruggevonden werd. Roalds broer Oddvar, de schrik van de omgeving, was enkele weken daarvoor al met de noorderzon vertrokken.
Rino brengt het onderzoek naar wat er toen gebeurde weer op gang, maar krijgt daarbij nauwelijks hulp van Falch, die zich naar eigen zeggen bijzonder weinig van de zaak herinnert, ook al zat hij op dezelfde school als de twee jongens. Stilaan wordt duidelijk dat Falch zelf nog steeds met een jeugdtrauma kampt.
In Reine ligt er ondertussen in het zorgcentrum een zwaar verbrande man (het gevolg van een onverklaarbare explosie van een grasmachine in een garage) van wie (behalve zijn naam) niets geweten is. De lezer komt er al vlug achter dat hij zich bedreigd voelt door een “duivel” die in het zorgcentrum werkt:
de duivel was in een creatieve bui en de pijn raakte hem intenser dan ooit. Op het hoogtepunt wilde hij uit het omhulsel springen dat hem hier vasthield, om huidloos de nacht in te vluchten, maar hij kon slechts ineenkrimpen van de pijn. Ze had de druppels in zijn neus gespoten om zo het zuur een bijtend spoor naar zijn hersenen te laten volgen. (vertaling Kim Snoeijing)
En dus probeert hij uit het centrum te ontsnappen.
En dan is er nog Sjur Simskar, die zo erg stottert dat hij gewoonweg zijn mond niet meer opendoet – het resultaat van de vroeger pesterijen van Oddvar Strøm. Hij woont samen met zijn moeder in een afgelegen huisje, en met die moeder blijkt er iets “raars” aan de hand te zijn…
Stormen**** is een complexe en duistere roman over schuld en onschuld en over onverwerkt verleden:
Er bestaan veel sadisten en over de ergsten staat zelden iets in de media. De grootste slechteriken worden meestal nooit opgepakt. Maar het lijden dat ze hun kinderen toebrengen […] Ze had een zinvol leven kunnen krijgen, een beschermde werkplek en met haar eigen mogelijkheden aan het leven kunnen deelnemen. In plaats daarvan heeft ze een bedeesd leven vol angst geleid (vertaling Kim Snoeijing)
Voor Torbjørn Ekelund (Dagbladet, 23.09.2012) is Frode Granhus een
misdaadauteur die het zichzelf niet gemakkelijk maakt. Bij hem is er geen duidelijke scheidingslijn tussen het goede en het kwade, en het gedrag van de personages wordt de hele tijd verklaard aan de hand van wat ze vroeger meemaakten.
Ook bij de gebruikers van Bokelskere.no viel de roman erg in de smaak:

Met Stormen werd Granhus genomineerd voor de Bokhandlerpris en de Rivertonpris.
Frode Granhus, Stormnacht, vertaald door Kim Snoeijing, Amsterdam (Q), 2014 ISBN 978-90-214-5586-0
Be en bønn for Sikas**, een oudere politieroman van Granhus, overtuigt veel minder. Zes jaar geleden werd “politietterforsker” Gerhard Krogh naar Kringfjell gezonden, een
afgelegen dorp in Noord-Noorwegen […] hij begreep niet waarom er hier mensen wilden wonen, een schrale baai waar de oceaan tegenaan beukte, onbeklimbare oeroude bergwanden met daarboven een grijs deken dat alles in een wurggreep houdt.
Hij moest er een zaak van twee moorden en een verdwijning oplossen. De verminkte lijken van de lokale dominee Jacob Lund en zijn dorpsgenoot Gil Bahr werden gevonden niet ver van rotsen waarop twee cirkels getekend waren. Wat later verdween Eivor, de verloofde van Lunds zoon Johannes. Iemand beweerde dat ze Eivors lijk in het water had zien drijven, maar ze werd nooit teruggevonden.
Het lukte Krogh niet om de zaak op te lossen. Erger nog, hij werd van de zaak afgehaald: problemen met zijn vrouw Kjerstin (die van hem wou scheiden) en zijn dochter Kathrine (die geprobeerd had zelfmoord te plegen) hadden ervoor gezorgd dat hij in een psychose was beland. De moorden en de verdwijning beleven onopgelost.
Nu wordt de herstelde(?) Krogh opnieuw naar Kringfjell gestuurd. Daar zijn twee nieuwe cirkels op de rotsen geschilderd, met daarbij de cryptische boodschap
Bid (een gebed) voor Sikas
Eerst wordt er gedacht aan een wansmakelijke grap, maar dan wordt er opnieuw iemand vermoord, en deze keer is het slachtoffer Johannes Lunds moeder Sigvarda.
Net zoals de eerste keer neemt Krogh ook nu zijn intrek in de oude vuurtoren waarvan de kamers nu aan toeristen verhuurd worden. Echt vorderen doet het onderzoek ook deze keer niet, wel wordt er nog een lijk gevonden dat in verregaande staat van ontbinding is en worden er vragen gesteld bij wat eerst als een mysterieuze zelfmoord beschouwd werd.
En opnieuw wordt Krogh na verloop van tijd van de zaak gehaald en vervangen door de streber Roger Albertsen. Hij weigert zich daar echter bij neer te leggen…
Merkwaardig dat een gerenommeerde uitgeverij dat soort onzin uitgeeft (Terje Stemland, Aftenposten 05.08.2006)
genreoverschrijdende thriller die de verwachtingen niet inlost (Kurt Hansen, Dagbladet, 03.07.2006)
een goed gecomponeerde thriller met een hoog suspensegehalte (Turid Larsen, Dagsavisen, 31.07.2006)
Drie recensies: één heel negatief, één eerder negatief en één ronduit positief. Wat is er hier aan de hand?
Er zit wel spanning en mysterie in Be en bønn for Sikas en de setting (een kleine dorpsgemeenschap waarin blijkbaar een geheim rondwaart) is erg geloofwaardig neergezet. Maar Frode Granhus maakt het de lezer niet echt gemakkelijk…
De personengalerij is erg uitgebreid, er lopen nogal wat verhaallijnen door elkaar, er worden allerlei dingen gesuggereerd zonder dat het duidelijk wordt waar ze naartoe leiden. Kurt Hansen spreekt in dit verband over
onheilspellend klinkende dialogen die contraproductief werken.
En uiteindelijk blijven er nogal wat losse draden over, iets waar Granhus zich nogal gemakkelijk van afmaakt met:
Er waren nog meer dingen waar hij niet achter gekomen was, en die hij ook niet wou weten
Het belangrijkste bezwaar ligt toch bij de uiteindelijke verklaring voor al het gruwelijke en het mysterieuze. Frode Granhus heeft duidelijk Dan Brown (of diens Noorse “voorloper” Tom Egeland) gelezen en pakt uit met een groot complot. Hansen heeft gelijk wanneer hij schrijft dat de finale nogal zwak is en de lezer niet echt geeft waar die recht op denkt te hebben.
Frode Granhus, Be en bønn for Sikas, Oslo (Cappelen), 2006 epub 2010 ISBN 978-82-32752-1
Terug naar Auteurs
