
Hans-Olav Thyvold (1959) heeft een lange carrière als journalist bij dag- en weekbladen, tv en radio achter zich. Hij heeft ook een aantal korte verhalen, filmscripts en boeken (o.a. over Roald Amundsen, Bruce Springsteen en Fridtjof Nansen) geschreven en is daarnaast ook actief als vertaler, componist en muzikant. Snille hunder kommer ikke til Sydpolen (2017) is zijn debuutroman.
Wie Snille hunder kommer ikke til Sydpolen (2017) (Nederlandse vertaling: Brave honden halen de Zuidpool niet (2020) wil lezen, moet over een behoorlijke dosis “willing suspension of the disbelief” beschikken. Aan het woord is namelijk Tassen, een cocker spaniel met een goed zelfinschattingsvermogen:
Als hond schiet ik op bijna alle manieren tekort. Kracht, formaat, instinct, reukvermogen, agressiviteit: ik scoor zo laag in al deze categorieën dat ik in een wereld geregeerd door honden waarschijnlijk niet eens zou mogen paren (vertaling Angélique de Kroon)
Hieruit blijkt al dat hij heel wat menselijke eigenschappen bezit. Lezen en tot meer dan 4 tellen kan hij niet, maar hij voert wel uitgebreide gesprekken met zijn bazinnetje, de 75-jarige mevrouw Thorkildsen, en geeft daarnaast een soort running commentary op wat er zich rond hem afspeelt en gebruikt daarbij een eigen jargon: de tochtjes naar de supermarkt worden bijvoorbeeld als “op jacht gaan” omschreven. Het gebeurt wel een keer dat hij de plank helemaal misslaat, zoals wanneer hij denkt dat een jonge bibliothecaresse verliefd op hem is. Dat Tassen niet van katten houdt is dan weer evident:
Je raakt die stank nooit kwijt. Van de kat, welteverstaan. (vertaling Angélique de Kroon)
Mevrouw Thorkildsen is getrouwd met de Majoor, maar die legt al in de eerste bladzijden het loodje. Tassen en mevrouw Thorkildsen staan er van dan af alleen voor:
We hebben elkaar nodig. Ik zou doodhongeren zonder mevrouw Thorkildsen, en zij zou zichzelf dooddrinken zonder mij. (vertaling Angélique de Kroon)
Er lijkt wel (twijfelachtige) hulp op komst: Valpen, Tispa en Guttevalpen staan voor de deur:
Ze stonden voor de deur na de dood van de Majoor. Drie mensen van wie ik me niet kon herinneren ze ooit eerder te hebben ontmoet (…) De man was de pup van mevrouw Thorkildsen, de vrouw was zijn teef en het jong was hun gezamenlijke nageslacht. (vertaling Angélique de Kroon)
Ze hebben duidelijk hun oog laten vallen op het huis van mevrouw Thorkildsen, maar die verzet zich kranig en vindt daarbij inspiratie in boeken over Roald Amundsens tocht naar de Zuidpool. Het is wel niet zo dat Amundsen zelf er bijzonder goed uitkomt: de (tragische) heldenrol is weggelegd voor de Groenlandse honden die hij gebruikte of beter: misbruikte.
Dat thema komt uitvoerig aan bod in Snille hunder kommer ikke til Sydpolen, en Thyvold komt er nog eens uitgebreid op terug in een artikel in Dagsavisen (08.04.2017). Onder de niet bepaald poëtische kop:

schreef hij o.a.
Amundsens leugens, en daarbovenop de honderden gedode sledehonden en de volledige overbodigheid van het hele project, werpen een smet op de Noorse verovering van de Zuidpool. (…) De honden zijn een deel van dat verhaal. Terwijl ze zware sleeën 3.000 meter omhoog trokken werden ze zo hard afgeranseld dat de stukken van de zweephandvatten vlogen. Sterke honden werden afgemat tot ze niet meer verder konden en dan als voedsel aan viervoeters en tweevoeters opgediend (…) De overwinnaar wordt alles vergeven, zeker wanneer hij op ski’s staat. Roald Amundsen is nog altijd, lang nadat ook zijn duistere kanten aangetoond werden, een Noorse held die stevig op zijn sokkel staat. (…) Maar zijn honden mogen niet vergeten worden Ze vertegenwoordigen een vraag die overeind blijft: hoe ver vinden wij Noren dat we kunnen gaan, of het nu gaat over een astmamedicijn of een nekschot, zolang we maar winnen?
Afgezien van dit onderwerp is Snille hunder kommer ikke til Sydpolen ongetwijfeld aangename lectuur, met wel een droevige “draai” op het einde. Opvallend overigens dat de laatste zinnen van de Noorse tekst iets duidelijker zijn dan de Nederlandse vertaling:

Atle Nielsen (bok365.no, 08.04.2017) werd bijna lyrisch in zijn recensie van het boek:
Tassen vertelt – over geuren die hem overweldigen zodat je ze bijna zelf kunt ruiken, over mensen died gecharmeerd worden door honden zodat je bij wenst dat je zelf geaaid wordt, en over mensen die honden maar niks vinden en die je daarom zelf zou willen aanvliegen. En hij vertelt over zijn eigen tekortkomingen als het over jagen en waken gaat, zodat je echt met hem meeleeft. (…) fascinerende lectuur (…) je begint bijna zelf te kwispelen.
Het boek werd o.a. in het Engels, het Spaans (en ook het Duits) vertaald:


Amanda Barrett (mrsbbookreviews.wordpress.com,30.10.2020) sloot zich bij Nielsens oordeel aan:
The wisest, funniest, and most inspiring book on ageing and friendship written by a dog you’ll ever read.(…) Beguiling, poignant, funny and thoughtful, this novel is destined to become a favourite. (…)
Ook hier was het oordeel positief:
Dit is geen typische ontspanningsroman van het type dat snel wordt gelezen en nog sneller wordt vergeten. Wat er tussen de regels door gebeurt, en wat Tassen op zijn hondenmanier interpreteert, is zo ernstig dat ik in ieder geval veel heb nagedacht sinds ik het boek uit heb. Voor thema’s als ouder worden en eenzaamheid kunnen we nooit de schouders ophalen, en wanneer die gecombineerd worden met de bereidheid van sommige mensen om over lijken te gaan om te krijgen wat ze willen, of dat nu eer, glorie, macht of rijkdom is, wordt het een tot nadenken stemmend boek.
Valerie Kubens (Fædrelandsvennen, 20.05.2017) had een wat dubbel gevoel:
Toen ik halfweg in het boek was, wou ik dat het nooit zou eindigen. Het was zo’n aangename lectuur en zo anders (…) Maar er kwam natuurlijk een einde aan en toen was het een beetje langdradig geworden.
Aftenpostens recensent had zijn/haar bedenkingen (14.05.2017):
Thyvolds ambitie (…) is duidelijk dat hij de lezer wil vermaken
maar daarnaast heeft hij nog een tweede bedoeling:
hij wil weinig gekende verhaal vertellen van Amundsens honden (…)
Is dat een geslaagde combinatie?
Niet echt. Het verhaal over Tassen en zijn leven met de drankzuchtige weduwe Thorkildsen het weliswaar een leuke humoristische toon, maar mist stekeligheid
Ronduit negatief was Ida Vågsether (Stavanger Aftenblad, 14.05.2017)
We lezen romans om veel verschillende redenen, bijvoorbeeld om ons te amuseren, om ons minder alleen te voelen, om nieuwe gedachten te krijgen, om de wereld beter te begrijpen, om onszelf beter te begrijpen. Hans-Olav Thyvolds roman Snille hunder kommer ikke til Sydpolen van doet geen van deze dingen. (…)
zonder daar behalve
De vele goedkope pointes zijn eerder wanhopig dan onderhoudend.
veel redenen voor op te geven. Thyvold schreef in dezelfde krant een antwoord, maar kwam zelf niet verder dan het citeren van een paar positieve beoordelingen en
Maar ik maak me zorgen over alle scholieren en studenten die tegenwoordig worden blootgesteld aan het kansspel “examen”: De tekst die onze veelbelovende jongeren inleveren, kan een cijfer 6 krijgen, maar ook een cijfer 1. Het hangt allemaal af van het jurylid en de gemoedstoestand waarin die persoon in kwestie verkeert.
Een loterij, met andere woorden. Of beter gezegd: Yahtzee. Misschien moeten we blij zijn dat de recensent van Stavanger Aftenblad niet achter een katheder zit.
Een zekere subjectiviteit is wel nauwelijks te vermijden…
Deze kattenliefhebber geeft het boek **½

Hans-Olav Thyvold, Brave honden halen de Zuidpool niet, vertaald door Angélique de Kroon, Amsterdam (Ambo/Anthos), 2020
ISBN 978-90-263-5258-4
