Jon Ewo

Jon Ewo (1957) is een erg productieve auteur. Hij schrijft vooral voor adolescenten, maar ook heeft ook romans voor volwassenen en non-fictie op zijn naam staan. In de jaren 90 van de vorige eeuw schreef hij bijvoorbeeld een aantal boeken over het World Wide Web, die nu nog enkel nostalgische waarde hebben: niet meer actieve browsers (Netscape, Hotbot, Mosaic, WebCrawler – die laatste bestaat nog altijd, maar leidt een anoniem bestaan), in de vergetelheid verzeilde website met de meest onmogelijke URLs, inbellen met een modem…: ze komen allemaal prominent aan bod:

Jon Ewo, Effektiv søking på World Wide Web, Imago Sollis, 1996
Robert Wood & Jon Ewo, World Wide Web, Imago Sollis, 1995

Ewo’s trilogie over Adam Halvorsen is in het Nederlands vertaald. Het zijn licht absurdistische “postmoderne” jeugdromans: Ewo gebruikt verschillende stijlen door elkaar, speelt met realiteit en fictie, en doet aan intertekstualiteit en “sampling”.

In Sola er en feit gud*** (1999) (Nederlandse vertaling: De zon is een maffe god (2001)) maken we kennis met de zestienjarige Adam, lid van een enigszins disfunctioneel gezin. Na de breuk met zijn vriendin Caroline (die hem te kinderachtig vond) besluit hij om “volwassen” te worden. Hij geeft zijn vakantiebaantje bij een koeriersbedrijf op, wordt smoorverliefd op Claudia, maakt kennis met Frank, een rijke dertiger die niet langer volwassen wil zijn, en komt te weten dat zijn vader misschien ernstig ziek is. Uiteindelijk komt alles op zijn pootjes terecht in dit verhaal waarin o. a. Oslo, Peer Gynt en heavy metal een belangrijke rol spelen – alleen met het bakken van de perfecte biefstuk wil het niet zo lukken.

Wat mij in dit originele boek het meest heeft aangesproken is de ontwapenend eerlijke manier waarop Adam zijn gestuntel en zijn kleine successen verwoordt. De magische momenten zijn dronken van woorden, de tragische somber of vol zelfironie. Maar altijd beschrijft hij ze met een intensiteit die je aan het boek kluistert. Je voelt je als lezer zelf een “maffe god” die geamuseerd en tegelijk betrokken neerkijkt op de klungelende held die je ook een beetje bent.  

schreef Jan van Coillie (De Standaard, 06.03.2002) in zijn recensie.

Jon Ewo, De zon is een maffe god, vertaald door Maaike Lahaise, Leuven (Davidsfonds/Infodok) 2001, ISBN 90 5908 002 5

In het eerste vervolgdeel, Månen er en diger pudding *** (2000) (Nederlandse vertaling: De maan is een spelbreker, 2002), wordt Adam Halvorsen op de vooravond van zijn zeventiende verjaardag in zijn kennissen- en familiekring met een om zich heen grijpende neerslachtigheid geconfronteerd. Een aantal van zijn klasgenoten zien het niet meer zitten. Frank wil een pauze inlassen in zijn relatie met Adams zus Gloria, die zwanger van hem is. Adams moeder maakt een midlifecrisis mee en kijkt niet uit naar de reünie van de punkband waarvan zij en Adams vader twintig jaar geleden deel uitmaakten.

Tot overmaat van ramp staat ook Adams relatie met Claudia op een laag pitje. Adam zelf (die Don Quichote ontdekt heeft) ziet volwassen worden niet meer als iets om naar uit te kijken en richt daarom The Lunatic Society op, die als doel heeft de kinderachtigheid te bevorderen. Uiteindelijk komt het toch weer allemaal goed.

Niet alle episodes zijn even sterk […] Maar dat wordt goedgemaakt door andere uitschuivers die erg vermakelijk zijn, zoals bijvoorbeeld die over de geschiedenis van de lichaamsgeluiden.

schreef Mette Hofsødegård (Dagbladet, 31.05.2000).

Jon Ewo, De maan is een spelbreker, vertaald door Maaike Lahaise, Leuven (Davidsfonds/Infodok), 2002, ISBN 978-90-5908-03-00

In deel 3, Jorda er tøff & naken *** (2001) (Nederlandse vertaling: De aarde is hard en naakt (2003) is het de beurt aan Dante. Adams vader zit in een dip (zijn Cervantesbewerking werd afgewezen) en verdiept zich in De Goddelijke Komedie. Om hem er weer bovenop te helpen besluit Adams familie hem weer in contact te brengen met zijn veronderstelde roots in Eide. Maar ook Adam zelf wordt weer met allerlei problemen geconfronteerd. Claudia vindt dat hij te veel met zichzelf bezig is, hij dreigt van school gegooid te worden en raakt samen met zijn vriend Reidan in een ernstig auto-ongeluk betrokken. Adams eindconclusie is dat je voor het leven altijd een prijs moet betalen.

Jon Ewo, De aarde is hard en naakt, vertaald door Maaike Lahaise, Leuven (Davidsfonds/Infodok), 2003, ISBN 90 5908 065 3

Svart, og cirka hvitt***½ (2004) (Nederlandse vertaling: Zwart / wit (2006)) is een ander jeugdboek van Ewo dat in het Nederlands vertaald werd. Het gaat over pesten en trash-tv. Ewo vertelt twee verhalen (ze worden als reconstructies voorgesteld) over drie zestienjarigen (Jo, Ben en Tam) die op school gepest worden. Het eerste verhaal (“svart”) loopt heel slecht af: één van hen dwaalt met een geladen geweer door de stad. Het tweede verhaal begint op een identieke manier, maar dan zorgt één detail (een gsm valt stuk) ervoor dat het verhaal hoopgevender (“cirka hvitt”) eindigt. De politie komt er hier wel allesbehalve positief uit.

Jon Ewo, zwart/wit. Een verhaal over onrecht, vertaald door Maaike Lahaise, Leuven (Davidsfonds/Infodok), 2006, ISBN 978 90 5908 186 2

XXL. En maksimalistisk roman om livet, kjærligheten og den store gjedda ****(2007) (Nederlandse vertaling: XXL Een maximalistische roman over het leven, de liefde en de grote snoek (2010)) is een sprankelende roman voor adolescenten over een week uit het leven van de zestienjarige Bud Martin. Bud volgt de richting automechanica in de vakschool van Tipling, plakt op de meeste dingen een waarschijnlijkheidspercentage en sukkelt met een laag zelfbeeld – het feit dat hij erg zwaarlijvig is, is daar niet vreemd aan – en dat is ook de oorzaak van een geëscaleerd conflict met zijn leraar L.O.

En nu komt zijn neef Jerry Storm een weekje bij hem logeren. Bud kijkt er niet echt naar uit: Jerry is immers alles wat Bud niet is: hij is hyperactief, lijdt aan zelfoverschatting, is erg vlot in de omgang met meisjes en is daarenboven ook erg goed in het projecteren van zijn eigen negatieve kanten op anderen. Dat Buds ouders (intellectuelen en daarnaast ook nog overtuigde nudisten) voortdurend Jerry’s kant kiezen maakt het alleen nog maar erger.

En dus komt Bud, ondanks al zijn goedbedoelde pogingen, voortdurend in de problemen: Jerry knalt met de auto van Buds vader tegen een andere wagen, wil samen met Bud het hele huis schilderen, slaat Buds meisje aan de haak, en wil met alle geweld een snoek die mythische proporties aangenomen heeft, op het droge halen. En toch zal hij uiteindelijk door de mand vallen.

XXL enz. is een bijzonder grappig en opgewekt boek, vol kleurrijke personages met licht bizarre trekjes.

een echte aanrader voor wie houdt van psychologie, humor en onverwachte situaties. (Mik Ghys, Pluizuit, 01.11.2010)

Jon Ewo, XXL Een maximalistische roman over het leven, de liefde en de grote snoek, vertaald door Maaike Lahaise, Leuven (Davidsfonds/infodok), 2010,  ISBN 978-90-5908-299-1

Ewo heeft ook boeken voor volwassenen geschreven. Torpedo *** (1996) is het eerste boek over Alex Hoel. Hij is een “torpedo”: iemand uit het misdaadmilieu die mensen die daar schulden hebben er op een gewelddadige manier van “overtuigd” dat ze die schulden “beter” betalen.

Op 1 januari 1996 is hij in Berlijn op bezoek bij Irina Wodke en haar vijfjarige zoon Sönke. Zij is de weduwe van Ulf, een andere torpedo met wie Hoel samenwerkte, maar die drie geleden stierf tijdens een “opdracht”.

Hoel ziet heel wat in Irina en besluit daarom het leven als torpedo vaarwel te zeggen en zich op het rechte pad te begeven. Er is echter een “probleempje”: thuis in Oslo heeft hij nog een gokschuld van 100.000 kronen bij Dragoslav Kis, de leider van een Joegoslavische criminele bende.

Kis geeft hem twee nieuwe opdrachten ter kwijtschelding. De eerste lukt min of meer, maar bij de tweede loopt het grondig mis en dat zorgt voor een gewelddadig conflict tussen een groep pas gearriveerde nieuwkomers enerzijds en Kis’ bende anderzijds. Beide staan ze niet alleen elkaar, maar ook Hoel naar het leven. Kis laat zelfs speciaal een gereputeerde huurmoordenaar uit het buitenland overkomen om het zaakje te beslechten.

Het worden negen bijzonder heftige dagen voor Hoel, die daarbij ook nog een handicap heeft: hij is ooit een oor kwijtgespeeld en dat zorgt ervoor dat hij gemakkelijk te herkennen is. Deze keer zal een ander lichaamsdeel er niet ongehavend uitkomen…

Ewo schrijft bijzonder vlot en heeft duidelijk heel hard zijn best gedaan om zo hard-boiled mogelijk uit de hoek te komen:

Voor een man met de juiste instelling kost het maar een boon om een mensenleven uit het bestaan weg te blazen

Lichaamsdelen afsnijden, iemand met een fiets ketting wurgen, een vrouw van de zoveelste verdieping naar beneden gooien, testikels onder stroom zetten, you name it, Torpedo has it.

Hij wist wanneer Valentin alles gezegd had wat er te zeggen viel en als een laatste gunst greep Milos het hoofd van de Rus vast. Een snelle draaiende ruk en de nek brak als een twijg. De man hing slap in de touwen en Milos kwam overeind van de bank en floot naar zijn assistent, die hevig vloekend binnenkwam. Het kostte hem maar vijf seconden voor hij doorhad dat de man naar de eeuwige jachtvelden vertrokken was. De assistent haalde de bijl, het mes, de zakken en de spade.

Torpedo is een boek zonder mensen die ook maar enigszins zuiver op de graat zijn (Irina misschien uitgezonderd?), ook al lijkt de schrijver wel wat sympathie voor Hoel te koesteren. En de politie? Die duikt heel eventjes op – na ongeveer 180 pagina’s.

Van Torpedo bestaat een Duitse vertaling:

Jon Ewo, Torpedo: ein krimineller Roman, uit het Noors vertaald door Christel Hildebrandt, Zurich (Unionsverlag), 2000   ISBN 978-3-293-20171-2

Hevn **½ (1997) is Jon Ewo’s tweede roman over Alex Hoel. De vroegere torpedo probeert nu met zijn verleden te breken. Met het geld dat hij over heeft van zijn vroegere criminele activiteiten heeft hij in Oslo de bar Exil (let op de woordspeling) geopend.

Maar zo gemakkelijk komt Hoel niet weg. Een oude kennis uit het MC-milieu komt om hulp vragen en bij de daaropvolgende bemiddelingspoging trekt Hoel de aandacht van de Joegoslavische crimineel en mede-eigenaar van het luxebordeel Braza, die zijn vroegere confrontatie met de toenmalige torpedo allesbehalve vergeten is en daarom besluit hem uit de weg te ruimen. En dan loopt er in Oslo nog een oud-MC lid rond dat van plan is zoveel mogelijk ex-kompanen van de motorbende “Fuckheads” om zeep te brengen.

Ook nu komt de politie er nauwelijks aan te pas en gaat het er bij de interne afrekeningen in het misdaadmilieu allesbehalve zachtaardig aan toe: er wordt geschoten, gewurgd, gemarteld en doodgeknuppeld dat het een lieve lust is. Ewo zegt in zijn nawoord natuurlijk dat

De standpunten over geweld, seks, vrouwen, vreemdelingen, bureaucraten, journalisten en gewone mensen zijn niet noodzakelijk die van de auteur

In datzelfde nawoord legt Ewo ook de nadruk op de extensieve research die hij voor het schrijven van het boek verricht heeft. Ook België is daarbij (waarschijnlijk dankzij de heer

Dutroux) niet aan zijn aandacht ontsnapt:

Ik heb een aantal contacten in België

zegt één van de schurken uit het boek.

Vooral in de eerste helft van Hevn wil Ewo uitdrukkelijk bewijzen dat hij veel research gedaan heeft door uitgebreide beschrijvingen van de achtergrond van zijn personages en van de omgeving waarin ze zich bewegen in te lassen. Een voorbeeld:

Het bureau, een metalen plaat van geelkoper, ingelegd met schildpad en bekleed met dun, gekleurd leer van de beste kwaliteit, was 250 jaar oud en vervaardigd door de Franse meubelontwerpen Charles Cressent. Het had de pompeuze stijl die typisch was voor meubelen uit de tijd van Lodewijk de Veertiende, maar terzelfder tijd ook de elegantie die populair werd in de achttiende eeuw. Net zoals dat het geval was met de vergeelde Russische iconen, de Japanse grafiek en de gerestaureerde Noorse fraai gedecoreerde kasten en altaarstukken, had Gjøen ook nu heel wat tijd besteed aan het vinden van ieder voorwerp en aan het zijn juiste plaats geven in de kamer. Hij had een voorliefde voor mooie dingen. Het was een sensuele ervaring om een icoon uit een van de kerken in Sint-Petersburg of een authentieke Hokusai te strelen.

Aandacht voor details kan bijvoorbeeld in een film of op het toneel de indruk van realisme bij de toeschouwer vergroten: het waarnemen van de achtergrond en wat er gebeurt lopen daar echter praktisch parallel. In een roman als Hevn zorgen de beschrijvingen er echter soms voor dat het handelingsverloop nodeloos vertraagd wordt.

Hevn is in het Duits vertaald:

Rache: ein krimineller Roman, vertaald door Christel Hildebrandt, Zurich (Unionsverlag), 2002     ISBN 978-3-293-20233-7

Terug naar Auteurs