Samuel Bjørk is een pseudoniem:
Ik was eigenblijk van plan nooit bekend te maken wie Samuel Bjørk was, want dan was het altijd rustig rond me gebleven, maar daar wilden de buitenlandse uitgeverijen niets van weten. Ze wilden een gezicht.
Uiteindelijk kon hij zijn identiteit niet langer verzwijgen. De man “achter” Samuel Bjørk blijkt Frode Sander Øien (1969) te zijn. Øien heeft vroeger al een aantal romans gepubliceerd en is ook bekend als songschrijver en popmuzikant.


Zijn eerste thriller Det henger en engel alene i skogen (2013) werd vertaald als Ik reis alleen**½.
Noorwegen is in de ban van een aantal kindermoorden. Eerst worden kort na elkaar de lijkjes van twee jonge meisjes die op het punt staan om op de lagere school te beginnen, dood aangetroffen. Ze hangen allebei in een boom met voor zich een bordje “Ik reis alleen.”
Het onderzoek is in handen van het speurdersduo Holger Munch en Mia Krüger. Munch is een van de beste Noorse politiespeurders, maar werd plots naar de provincie verbannen. De reden daarvoor wordt in het boek omstandig uitgelegd. Speciaal voor de zaak van de kindermoorden wordt hij naar Oslo teruggehaald. Dat geldt ook voor Mia Krüger, die zich helemaal alleen op een eilandje teruggetrokken heeft. Ze was/is zwaar depressief en ook de reden daarvoor komt uitgebreid aan bod.
Het onderzoek naar de kindermoordenaar (m/v) vlot niet al te best. Munch en Krüger blijken met een bijzonder geslepen tegenstander te maken te hebben en kunnen niet verhinderen dat er nog slachtoffertjes vallen. Wel duikt er na verloop van tijd een mysterieuze vrouw met heterochromie (kleurverschil in de iris van het oog) op en lijkt er ook van alles aan de hand te zijn in een sekte met een lugubere “priester” aan het hoofd. Het onderzoek bereikt een dramatisch hoogtepunt wanneer iemand van het speurdersteam persoonlijk geviseerd lijkt te worden.
Det henger en engel alene i skogen werd een gigantisch succes, niet alleen in Noorwegen (meer dan 50.000 exemplaren verkocht!), maar ook in het buitenland (in meer dan 20 talen vertaald). Er zou zelfs al een verfilming op touw staan. Merkwaardig, omdat de auteur totaal onbekend was (later zou blijken dat het om een pseudoniem ging) en het boek in de landelijke pers nauwelijks aandacht gekregen had. Wanneer er wel over gesproken werd, was het meestal in negatieve zin. Het strengst was Ingvar Ambjørnsen, die het (VG 04.03.2014) had over
echt slappe kost […] af en toe gebrekkige taal
en een plot
zo gekunsteld en onrealistisch dat het ongewild komisch wordt.
Torbjørn Ekelund (Dagbladet 04.11.2013) was wat positiever en noemde Det henger en engel alene i skogen
een moeilijk boek om te recenseren. Een reeks vage en te lange karakterbeschrijvingen doen het boek geen goed, maar de auteur houdt wel de regie van de plot, de verschillende verhaalonderdelen en de volgorde waarin ze verteld worden, strak in de hand. Het boek is bovendien goed geschreven en tot op zekere hoogte ook spannend.
Verder schreef hij dat het boek
iets berekends heeft
en heeft hij ook problemen met
het verregaand gebrek aan realisme in de schildering
en de
macabere fantasierijkdom
De lokale pers was volgens de cover van de Noorse pocketuitgave veel enthousiaster:
Een klasse apart qua spanning
schreef Helge Kjøniksen in “Moss avis” en
Erg goed … pas op je tellen, Jo Nesbø
vond Gro Jørstad Nilsen in “Bergens Tidende”.
Op het voorplat van de Nederlandse vertaling lezen we een citaat van Theo Hakkert (Wegener Dagbladen)
Zuurstofflessen paraat houden! Samuel Bjørk heeft een levensgevaarlijk goede thriller geschreven.
Ook “gewone” lezers lusten wel pap van Det henger en engel alene i skogen. Enkele blogcitaten:
Griezelig is ook een adjectief dat de sfeer van het boek goed beschrijft. Dit is een misdaadverhaal met veel akeligheid en spanning, wanneer het verhaal echt op gang komt […] Bjørk weet hoe hij spanning moet creëren, en durft het aan om een intrige met veel mensen en verhaallijnen te construeren.
(Elin Brend Bjørhei http://bokelskerinne.blogspot.be/2013/09/bokanmeldelse-det-henger-en-engel-alene.html)
Wow! Een misdaadverhaal dat je in één keer uitleest. Bedankt uitgeverij voor een ontzettend goed misdaadverhaal (Anita Ness http://artemisiasverden.blogspot.be/2013/10/saftig-krim-av-samuel-bjrk-det-henger.html)
Op de website bokelskere.no (https://bokelskere.no/bok/det-henger-en-engel-alene-i-skogen/393690/) krijgt Det henger en engel alene i skogen een gemiddelde van 4.84/5 met o.a. volgende commentaren
Vuurwerk van een nieuwkomer. Echt spannend en goed geschreven.
Ik heb nog maar zelden een zo goed geschreven misdaadroman van een Noorse schrijver gelezen. Zo buitengewoon spannend dat ik er “high” van word!
Dit boek was zo spannend dat ik het overal mee naar toe nam: op mijn werk, op school, in de wachtkamer enz.
Maar wat vindt ondergetekende ervan?
Er valt wel een en ander aan te merken op Det henger en engel alene i skogen. Zoals Torbjørn Ekelund opmerkt, brengt de roman thematisch weinig nieuws:
Alles wat er in een misdaadverhaal kan voorkomen zit erin: alcoholisme, drugsverslaving, transseksualiteit, religieus fanatisme, psychiatrie, seriemoorden, codes, verwaarlozing en psychische afwijkingen.
Asbjørn Slettemark (http://op-5.no/samuel-bjork/) zegt ongeveer hetzelfde:
zowat alle items die afgevinkt kunnen worden op het Nordic-Noirformulier zijn aanwezig: de vrouwelijke speurder die kampt met donkere gedachten of sociale uitdagingen (Saga Norén, Lisbeth Salander), de tobbende mannelijke speurder die niet akkoord gaat met zijn chef maar altijd gelijk heeft (Wallander, Beck), halfgare predikers (Läckberg, Predikanten), mensen met psychopathische wraakgedachten (Adler-Olsen, Kvinnen i buret)…
En dan zitten er inderdaad nogal wat losse draden en onwaarschijnlijkheden in het boek. Ambjørnsen heeft het over
duidelijke aanwijzingen die de twee superspeurders niet nader onderzoeken, maar die de doorwinterde lezer van misdaadromans dadelijk opmerkt. Op wandelafstand van de eerste plaats delict waar een kind vermoord teruggevonden wordt, ligt bijvoorbeeld een boerderij waar zich een extreme sekte ophoudt. De politie gaat er niet langs.
O.a. ook de opgehangen hond en het gesol met varkensbloed lijken nogal “bovenmenselijk” voor diegene die uiteindelijk de moordenaar blijkt te zijn.
Het boek is ook nogal lang omdat het een aantal irrelevante passages bevat, vooral wanneer de gedachten van personages weergegeven worden. Hier gaat het over Mia Krüger:
Ze moest vastberaden blijven. Niet meer drinken. Natuurlijk moest ze niet meer drinken. Eigenlijk moest niemand drinken. Ze was goed bezig geweest, toch? Goed op weg om achter al die uiterlijkheden door te dringen. Haar specialiteit. Dingen zien die anderen niet zagen. Stel jezelf niet aan stress bloot. Ga gewoon uitrusten. Ga ergens heen. Verstop je op een eilandje. Zet de wereld uit. ( vertaling Renée Vink)
Op zich is er niets mis met deze passage, maar iets gelijkaardigs heeft de lezer eerder in de roman al een aantal keren mogen lezen.
Verder blijven, ondanks Bjørks verwoede inspanningen, de personages toch redelijk eendimensionaal. Dat geldt voor de bijfiguren (hoofdcommissaris Mikkelson is bijna een karikatuur), maar zeker ook voor Munch. Misschien is hij gewoon een man over wie niet veel boeiends te vertellen valt:
Als zijn collega’s Holger Munch in drie woorden zouden moeten beschrijven, zouden twee daarvan waarschijnlijk “nerd” luiden. Als laatste misschien slim, of al te aardig. Maar gegarandeerd nerd. Een dikke, gezellige nerd die nooit dronk en van wiskunde, klassieke muziek, kruiswoordraadsels en schaken hield. Wat saai misschien, maar een buitengewoon goeie rechercheur. En een rechtvaardig teamleider. (vertaling Renée Vink)
Maar is Det henger en engel alene i skogen dan een slecht boek? Dat zou ik zeker niet durven beweren. Grote literatuur en veel maatschappelijke betrokkenheid mag je niet verwachten maar het verhaal is behoorlijk spannend met flink wat onverwachte plotwendingen. Het boek is blijkbaar het eerste van een reeks, en er mag nog wat geschaafd worden, maar een zeker talent voor thrillers kan de auteur zeker niet ontzegd worden. Van Madelon de Swart (http://mom.biblion.nl/olifant/olifant.dll?doctype=AI&bibliotheek=bibliorura&lid=2014462088&ppn=383672279&isbn=9789024565559&key=349316&) krijgt in elk geval een hoge score:
algauw wordt het inventieve verhaal superspannend door de uitstekende plot/subplots, verrassende ontwikkelingen en twee heel menselijke, herkenbare rechercheurs. De ontknoping is bloedstollend spannend.
Samuel Bjørk, Ik reis alleen, vertaald door Renée Vink, Amsterdam (Luitingh-Sijthoff), 2015 ISBN 978-90-245-6555-9
In Uglen (2015), vertaald als De doodsvogel** spelen Holger Munch en Mia Krüger opnieuw een hoofdrol. De 17-jarige Camilla Green wordt vermoord teruggevonden niet ver van het opvangtehuis waar ze verbleef. De plaats delict heeft veel weg van een macabere in scene-zetting:
Naakt. Het ziet eruit als een soort, hoe zal ik het noemen… ritueel? Om haar heen ligt het vol met veren. En kaarsen […] in de vorm van een symbool […] Lichaam ligt er vreemd verwrongen bij. Ogen wijd open. Het ligt hier vol met veren […] Iemand heeft een bloem in haar mond gestopt. (vertaling Renée Vink)
zoals Munchs teamlid Kim Kolsø het in een gsm-gesprek met zijn chef beschrijft.
Munch en zijn team krijgen de zaak toegeschoven, en hij wil Mia Krüger er weer bij: de domme Mikkelsen (die overigens geen rol speelt in de rest van het boek) heeft haar weer op non-actief gesteld. Ze mag pas weerkeren wanneer een psychiater haar volledig genezen verklaart.
Munch krijgt zonder al te veel problemen zijn zin, en dan kan de speurtocht naar de dader, ongetwijfeld een
gestoorde klootzak (vertaling Renée Vink)
echt beginnen.
Een tweede boek is altijd moeilijk, maar als je de fouten van je eersteling niet wegwerkt, maar ze integendeel nog flink in de verf zet, wordt het resultaat onvermijdelijk problematisch.
1. Het boek is onnodig lang. Bjørk komt voortdurend met beschrijvingen en commentaren die door hun herhalend (en daarbij ook nog vaak overbodig) karakter al spoedig irritatie opwekken. We weten nu zo langzamerhand wel dat Mia Krüger de dood van haar tweelingzus nog altijd niet te boven is gekomen; het hoeft er de lezer niet om de tien pagina’s nog een keer ingeprent te worden. Wat Krüger zelf betreft: haar “originele” aanpak heeft soms een positieve impact op het verloop van het onderzoek, maar werk even vaak belemmerend
En is het nu echt nodig en/of relevant om daarbij ook nog de gedachten van andere personages expliciet weer te geven:
Ze glipte uit bed, liep naar de douche en voelde het lekkere warme water over haar lichaam en haar hoofd stromen. Haar katers duurden nooit lang, ongeacht hoeveel ze dronk. Haar vriendinnen bleven soms dagen in bed liggen, maar zij niet. Een warme douche, een hapje eten, dan was ze weer helemaal de oude. Miriam boog haar hoofd en draaide de warme kraan verder open. De waterstralen kletterden tegen haar nek en ze voelde zich nu al een stuk beter. Ze waren destijds jaloers op haar geweest. Haar vriendinnen. Dat ze nooit erg ziek werd, hoelang ze ook doorging of wat ze ook naar binnen goot. Vroeger. Toen ze vier dagen per week hadden gefeest en zo’n beetje in het centrum hadden gewoond. Lang geleden. De oude Miriam. Niet de nieuwe. (vertaling Renée Vink)
Een passage hier en daar, tot daar toe, maar het hele boek staat bol van dit soort fragmenten. Het resultaat is dat er nauwelijks tempo in het boek zit.
2. Stilistisch is het boek geen hoogvlieger, let er bijvoorbeeld maar eens op hoe vaak Munch met het adjectieven als “gezet” en “zwaarlijvig” bedacht wordt. Met al die korte zinnetjes maakt Bjørk het de lezer natuurlijk wel gemakkelijk. En de dialogen blinken ook niet uit door originaliteit.
3. Bjørk heeft blijkbaar een voorliefde voor opvallend gruwelijke misdaden en aberrante persoonlijkheden. Ik ben geen al te grote fan van geesteszieke moordenaars, maar zolang de auteur ergens toch met een plausibele verklaring komt voor de specificiteit van het afwijkend gedrag, wil ik nog wel volgen. Maar in Uglen voel je je als lezer bij de neus genomen. De hele opzet van de roman (het begint al met de “proloog”) wijst in de richting van een man die iets met “veren” heeft. Na verloop van tijd krijgen Munch en de zijnen zo iemand in het vizier, maar die blijkt het uiteindelijk niet te zijn. Wat de echte dader met veren te maken heeft en waar die de hele mise-en-scène vandaan gehaald heeft, wordt dan niet of nauwelijks aangegeven.
4. Het feel good trucje in het laatste hoofdstuk komt gemaakt over – Jo Nesbø past het overigens op een markantere manier toe in Politi (2013). En dat er alweer een familielid van Munch met de dood bedreigd wordt komt ook niet bijster origineel over.
Ik heb bij de bespreking van Det henger en engel alene i skogen al vermeld dat Gro Jørstad Nilsen in “Bergens Tidende” over dat boek
Erg goed … pas op je tellen, Jo Nesbø
schreef. Na Uglen kan ik alleen maar zeggen dat Jo Nesbø zich niet al te veel zorgen hoeft te maken…
Samuel Bjørk, De doodsvogel, vertaald door Renée Vink, Amsterdam (Luitingh-Sijthoff), 2016 ISBN 978-90-245-6557-3
Geen enkele Noorse schrijver verkoopt meer boeken in Nederland dan Frode Sander Øien. Jo Nesbø is de enige die dat doet in Groot-Brittannië
schreef Per-Magne Midjo (Trønder-Avisa 14.11.2018) – Frode Sander Øien is — zoals hierboven al, gezegd –de echte naam van Samuel Bjørk.
Het zal wel waar zijn maar… ik begrijp het niet. Ik vond de twee vorige thrillers rond de figuren van Mia Krüger en Holger Munch al niet veel soeps en Gutten som elsket rådyr (2018) , vertaald als De jongen in de sneeuw *½ is zeker niet beter.
Passages die achteraf irrelevant blijken te zijn vormen een essentieel onderdeel van thrillers en detectiveromans wanneer ze gebruikt worden om dwaalsporen (zgn. “red herrings”) te creëren, maar Bjørk is blijkbaar de mening toegedaan dat hoe langer een boek is, hoe beter het wordt, want hij schrijft ellenlang commentaren en uitweidingen die gewoon niets aan de plot toevoegen. Kijk bijvoorbeeld maar eens naar hoofdstuk 59: wat is het nut van die twee bladzijden informatie over mevrouw Dolores Di Santo?
En dan is er de plot zelf. In een bergmeer wordt het lijk van een 22-jarige ballerina gevonden. Later volgens nog drie slachtoffers in Oslo: een jazzmuzikant, een scholier en een priester. Alle vier zijn ze eerst met scopolamine verdoofd en daarna met een injectie in de borst om het leven gebracht. Een merkwaardig detail is dat op de plaats van de misdaad een camera gevonden wordt met een op de lens gekrast nummer.
Krüger en Munch zoeken zich te pletter om een verband tussen en een motief voor de moorden te ontdekken maar vinden niets. Verbazend is dat niet: de moordenaar is een volslagen gek en het motief voor de moorden is niet “gewoon” vergezocht maar absurd vergezocht.
Maar kennelijk lusten velen er wel pap van. Het boek werd trouwens genomineerd voor de Bokhandlerprisen, maar die ging gelukkig naar Simon Stranger voor Leksikon om lys og mørke.
Van de landelijke Noorse kranten recenseerde blijkbaar alleen VG (14.10.2018) het boek:
als we helemaal niet moeilijk doen over het gebrek aan realisme, is dit bij tijd en wijle een echte pageturner over een seriemoordenaar
schreef Elin Brend Bjørhei daar.
Ook een aantal Vlaamse en Nederlandse recensenten lieten zich lovend uit over het boek:
een boeiende weekendthriller
schreef J.S. in Focus Knack (07.11.2018)
een snelle plot, maar een paar wendingen die niet helemaal geloofwaardig zijn (Het Nieuwsblad 06.11.2018)
Het betere Scandinavische spul (ged in Gazet van Antwerpen, 27.10.2018)
En als kers op de taart:
Samuel Björk laat met De jongen in de sneeuw zien een van de grootste Noorse auteurs te zijn. Zelfs in een boek dat voelt alsof er een tandje terug is geschakeld, weet Björk boven veel van zijn Scandi-collega’s uit te stijgen. Dat komt door de mix van spanning, uitstekende hoofdpersonages én een treffende schrijfstijl. (Thrillzone) (https://www.thrillzone.nl/recensie/samuel-bjork-de-jongen-in-de-sneeuw/)
Gelukkig was er nog de kritische noot van Frank Heinen (De Volkskrant, 24.11.2018):
de plot – toch niet onbelangrijk – komt in de laatste dertig pagina’s plompverloren uit de lucht vallen, als een aambeeld in een Roadrunner-tekenfilm. Sommige mensen vinden een thriller geslaagd als ze zijn vermaakt. Als dat de overgangseis is, scoort De jongen in de sneeuw een vette voldoende. Verrekte spannend, schreef ik over Bjørks eerdere werk, en dat geldt ook dit keer. Maar als je van een thriller verwacht dat-ie méér doet, dat ook een spannend boek tracht inzicht te verschaffen in het waarom van wat er gebeurt – zozeer dat je je als lezer in de dader kunt inleven en je achteraf had kunnen weten whodunit – dan voel je je aan het eind van De jongen in de sneeuw toch wat bekocht.
Zeg dat wel.
Samuel Bjørk, De jongen in de sneeuw, vertaald door Renée Vink, Amsterdam (Luitingh-Sijthoff), 2018 ISBN 978-90-245-6559-7
Ulven ** (2021) (Nederlandse vertaling Sneeuwwit) is een zogenaamde “prequel”: het boek gaat over de eerste zaak waar Munch en Krüger samen aan “werkten”.
Munch leidt een nieuwe afdeling moordzaken weg van het centrale politiebureau in Grønland. Op aanraden van de directeur van de politieacademie neemt hij de bijna 22-jarige Mia Krüger, eigenlijk nog een studente, op in zijn team. Krüger gaat vaak intuïtief te werk en komt vaak met originele invalshoeken – Lindells Marian Dahle is vergeleken met haar maar een broekie.
Munch en Krüger krijgen dadelijk een bizarre moordzaak op hun bord. Op een afgelegen plaats in een buitenwijk van Oslo worden de lijken aangetroffen van twee elfjarigen. Ze werden beide gewurgd. Tussen hen in ligt een dode rode vos. Acht jaar eerder was er in Zweden een “zaak” die hiermee veel gelijkenissen vertoonde. Daar werd de dader nooit gevonden.
Bjørks eerste drie romans over Munch en Krüger haalden hoge oplagecijfers en werden in verschillende talen vertaald. Dat succes is mij altijd een raadsel gebleven en dit nieuwe boek brengt daar geen verandering in. Ook Ulven *½ is naar mijn smaak geen goede misdaadroman. En ja, ik weet dat mijn verhaal eentonig wordt/is…
Het boek is veel te lang. Bij zowat elke situatie of handeling vindt Bjørk het per se nodig om uitgebreid te vermelden wat de persoon die op dat ogenblik in de focus staat, vindt of denkt. En dat gaat gauw vervelen/irriteren want het draagt niets bij tot de intrige. Dat Ray Kroc van hamburgerketen McDonald’s een wereldwijd fastfoodimperium maakte, waar teamlid Katja van den Burg vandaan komt, Munchs communistische vader, de Noorse koning en de straten in de buurt van zijn paleis, de achtergrond van Emily Skog, die een schilderkunstopleiding volgt (Ze komt uit West-Noorwegen!), het verslag van Mia’s zoektocht naar haar zus Sigrid (hoe dat afloopt weten we al uit de vroegere romans), hoofdstuk 42 over een sekte en ga zo maar door. Weinig wordt ons bespaard. Een typisch fragment:
Er toeterde weer een auto, op het kruispunt bij Majorstuen deze keer. Ze schrok even erg als daarnet. Goten mensen dat echt wekelijks naar binnen? Was dit echt de lijm die deze maatschappij bijeenhield: alcohol? In alle lagen van de bevolking? In alle leeftijdsgroepen? Bij alle gelegenheden? Nee, vergeet de staatsslijterij, verbied die rotzooi. Voor altijd. Dit is voor niemand goed. Nooit. (vertaling Perpetua Uiterwaal en Liesbeth Huijer)
Blabla of zoals Maurice Gilliams (als ik me goed herinner) het noemde: worstenvullerij. En dan komen passages waarin Munch een van zijn teamleden onderbreekt omdat hij/zij te uitvoerig is, natuurlijk ongewild ironisch over…
Nu is het natuurlijk zo dat “overtollig” materiaal deel uitmaakt van zowat elke misdaadroman omdat het gebruikt wordt om de lezer op dwaalsporen te brengen, maar die functie hebben de “overbodige” passages in Ulven helemaal niet.
De personages dan. Ondanks de uitgebreide “kennismaking” met hun gedachten, komen die nauwelijks uit de verf. Marit Egaas (Stavanger Aftenblad, 06.12.2021) omschreef Ulven als
een psychologische misdaadroman waarin de nadruk ligt op emotie, relaties en empathie
maar mij lijkt dat een betwistbare bewering. Over Munch komen we weinig meer te weten dan dat hij een zware roker is, overgewicht heeft en niet overweg kan met zijn superieur Dreyer – typische kenmerken van een “flat character”. Katja van de Burg draagt sportkledij. Ludvig Grønlie is een saaie piet. Het best geslaagd is nog het portret van de jonge Kevin Myklebust, met een moeder die van “draaideurrelaties” haar specialiteit gemaakt heeft, maar ook hier heeft zijn achtergrondverhaal weinig of niets te maken met de eigenlijke intrige – of het moet die auto zijn??
Erger nog is dat enkele personages op het karikaturale af zijn. Oxen (what’s in a name?) is een onbekwame lomperik cum laude, die op het einde van de roman nog een van de pot gerukte rentree maakt. Of neem de twaalfjarige Lydia Clemens, die samen met haar opa een geïsoleerd “avontuurlijk” leven leidt. Zij vangt forellen met de blote hand, snijdt dieren de keel over en blijkt uiteindelijk ook een crack in het boogschieten te zijn.
En dan is er natuurlijk nog de “dader”. Zoals gewoonlijk bij Bjørk is dat geen halve, maar een hele gare. Dat is lekker meegenomen natuurlijk, om eventuele motieven/drijfveren hoef je je nauwelijks te bekommeren. Egaas had wel gelijk wanneer ze schreef
de grote vraag is niet waarom, maar wie
en later constateerde
Zelfs als de zaak uiteindelijk wordt opgelost, komt dat een beetje (sic!) abrupt en vallen niet alle stukjes op hun plaats. Op de steeds terugkerende vraag in het boek waarom iemand dergelijke wrede handelingen kan verrichten, krijgen we geen behoorlijk antwoord.
(Stavanger Aftenblad was overigens de enige min of meer grote krant die zich aan een recensie waagde.)
“Niet alle stukjes vallen op hun plaats” is een eufemisme voor “de plot hangt met haken en ogen aan elkaar”. Er zitten behoorlijk wat slordig- en ongeloofwaardigheden in Ulven. Een paar voorbeelden. Na verloop van tijd blijkt er iets niet in de haak te zijn met de vader van een van de Noorse slachtoffers. Wordt dat verder onderzocht? Nee. Over de achtergrond van het andere Noorse slachtoffer vernemen we zo goed als niets. Het excuus: zijn moeder zit in Spanje. Fredrik Riis, een lid van Munchs team, krijgt sms’en van een vrouw die hem wil ontmoeten, maar daar wordt verder niets over gezegd. Munch krijgt het adres van een firma en springt dadelijk in zijn auto zonder eerst ook maar op te zoeken wat voor een firma dat wel kan zijn. Een andere keer beëindigt hij een telefoongesprek, zegt eraan te komen, maar vraagt niet waar hij naartoe moet. En dan is er nog de Zweedse “profiler” Patrick Olsson, bij wie Munchs team zich hoegenaamd geen vragen stelt. Na verloop van tijd begint Bjørk “ongezien” te suggereren, dat hij wel eens de dader zou kunnen zijn – spoiler alert: hij is het natuurlijk niet.
En ten slotte: een groentje dat dadelijk het hele team aanstuurt – komaan zeg??!!

Samuel Bjørk, Sneeuwwit, vertaald door Perpetua Uiterwaal en Liesbeth Huijer, Amsterdam (Luitingh-Sijthoff), 2021 ISBN 978-90-245-9709-3
In Hitra **½ (2023) (Nederlandse vertaling: De terugkeer van Mia (2023) heeft Mia Krüger haar job bij de politie opgezegd en zich teruggetrokken op het eiland Edøya voor de kust van Trøndelag. Daar hoort ze dat de achtjarige Jonathan Holmen drie jaar eerder spoorloos verdween op het naburige eiland Hitra, de woonplaats van de in de zalmindustrie schatrijk geworden familie Prytz. En alsof dat nog niet genoeg is om Krügers nieuwsgierigheid op te wekken, wordt nu op datzelfde eiland de zestienjarige Jessica Bakken, die lokaal geen al te beste reputatie geniet, vermoord teruggevonden op de oude boot waar ze het grootste deel van haar tijd doorbracht. In die boot vindt de politie ook een mysterieus lijstje met afkortingen en bedragen.
Nu voelt Krüger het weer helemaal kriebelen en contacteert ze haar vroegere chef Holger Munch, die in Oslo chagrijnig rondloopt omdat de speciale misdaadeenheid die hij leidt, hoogstwaarschijnlijk opgedoekt zal worden. Munch vertrekt spoorslags naar Hitra en zo vormen hij en Krüger opnieuw een duo.
De misdaden worden uiteindelijk opgelost, maar als je het mij vraagt, is dat nauwelijks Munchs verdienste: hij komt niet erg goed uit de verf en loopt er vooral gestrest en slechtgeluimd bij. Het zijn Krüger (de verdwijning) en Munchs internetspecialist Mørk (de moord(en?) die met de meeste eer gaan lopen. Als lezer kun je onmogelijk uitdokteren wie er achter de misdaden zit(ten), en zoals wel vaker in dit soort roman zit er daar iemand tussen die ze niet allemaal op een rijtje heeft.
Hitra is het zeer de moeite waard om gelezen te worden (…) De politieroman is een veel voorkomend genre, maar Hitra bewijst dat het nog altijd mogelijk is om het concept een zinvolle inhoud te geven (…) De intrige zit zo gewiekst en ingewikkeld in elkaar dat het je als lezer moeilijk valt om het boek weg te leggen (…) Het is al een hele tijd geleden dat ik een Noorse politieman met zo veel interesse en plezier heb gelezen.
schreef Leif Ekle (nrk.no, 17.03.2023) en hij is niet de eerste de beste recensent.
En dus, eerst het goede nieuws. Bjørk is er deze keer wel in geslaagd om een sluitende intrige bij elkaar te puzzelen. Maar, ook al wordt er minder gezanikt over Krügers verleden, toch blijft mijn grootste bezwaar tegen Bjørk overeind. Is er bij zijn uitgever Bonnier Norsk Forlag nu echt geen enkele redacteur te vinden die hem met het oude adagium “In der Beschränkung zeigt sich erst der Meister” durft te confronteren? Want Bjørk kan zich opnieuw niet inhouden: Hitra zit weer vol red herring-loze en voor de plot irrelevante overwegingen van zijn personages. Ik zou Hitra normaal ** geven maar onder de indruk van de lovende recensie ga ik toch maar voor **½.

Samuel Bjørk, De terugkeer van Mia, vertaald door Perpetua Uiterwaal en Leisbeth Huijer, Amsterdam, Luitingh-Sijthoff, 2023 ISBN 978-90-245-9712-3
Terug naar Startpagina
